De praktijk
De koplopers onder de festivals zijn hét podium voor duurzame verandering. Ze duren maar één of hooguit een paar dagen, komen elk jaar terug en zijn daarmee tijdelijke mini-dorpen waar je goed nieuwe dingen kan uitproberen met bijvoorbeeld water, afval, plastics of stroom.
“In de vijftien jaar dat we nu Into The Great Wide Open (ITGWO) organiseren, zetten we elke keer weer nieuwe stapjes,” schetst festivaldirecteur Arnout de la Houssaye de geleidelijke verduurzaming van het festival. “Op Vlieland wonen 1000 mensen, en wij komen daar met 10.000 bezoekers op bezoek voor muziek, met cultuur en evenementen voor kinderen. We zijn er te gast in de natuur. Dus zoeken we voortdurend naar hoe we de achterkant van het festival kunnen organiseren met steeds minder impact op de omgeving. Dat vergt wel wat intrinsieke motivatie. Maar het is ook gewoon leuk om te kijken hoe iets kan.”
De duurzame maatregelen financieren we uit een toeslag van 15 euro op de tickets. Die krijg je terug als je duurzaam naar het eiland reist.
Arnout de la Houssaye, festivaldirecteur ITGWO
In het mini-ecosysteem van de festivals gaat het bijvoorbeeld over mobiliteit, hergebruik van toilet-spoelwater, batterijen in plaats van dieselaggregaten, minimale afvalproductie en hergebruik van bekers en bestek. De la Houssaye: “We beginnen altijd met de vraag aan onze keten van leveranciers. Zo huurden we eerst aggregaten op biodiesel, toen op waterstof, nu gebruiken we batterijen en zijn we bezig met stroom uit de elektrische vrachtwagen. Dat is allemaal wel een tikkeltje duurder. Wij financieren dat uit een toeslag van 15 euro op de tickets. Die krijg je terug als je duurzaam naar het eiland reist. Zo’n 15 tot 20% vraagt die bijdrage terug, de rest gaat allemaal in de pot.”
En zo laten ook andere festivals voorbeelden zien die navolging verdienen. Zoals op de Zwarte Cross en Lowlands, waar tegenwoordig duizenden liters urine worden verwerkt tot bruikbare mest en herbruikbaar water (zie kader).
Laura van de Voort is van Buro Nuvo, waar zij festivals helpt blijvend duurzame impact te maken. De koplopers springen in het oog. “Maar je hoeft niet het duurzaamste jongetje van de klas te zijn. Je kan koploper zijn op één van de thema’s. Je kan best vooroplopen zonder dat je duurzaam bent op alle fronten.” Zij benadrukt dat het belangrijk is dat koplopers hun rol als proeftuin kunnen blijven vervullen. Zonder hen is er ook geen grote groep van volgers.
Rol van gemeentes
Maar tegelijk is de vraag: hoe krijg je die grote middenmoot mee? Gemeentes kunnen daarin een belangrijke rol spelen. Ze staan natuurlijk aan de basis van de vergunningen, dus verlagen van de regeldruk moet vooral dáár gebeuren. Dat kan vrij gemakkelijk als een festival elk jaar plaatsvindt. Maar er kan veel meer: kennis delen en festivals helpen met verduurzaming.
In Rotterdam is er de stichting ‘Rotterdam Festivals’. Die zorgt dat zo’n 150 festivals per jaar naast elkaar kunnen plaatsvinden, van de Rotterdam Marathon en de Wereldhavendagen tot allerlei kleinere evenementen. Dat helpt bij de verduurzaming van alle evenementen. Renske Satijn van Rotterdam Festivals geeft de accu’s op de Wereldhavendagen als voorbeeld. De brandweer verbood de inzet ervan in verband met de veiligheid. Renske haar organisatie bracht de fabrikant, de brandweer en de Wereldhavendagen samen. Daar rolde aanpassingen en een goede werkwijze uit. Nu ligt er een landelijke blauwdruk voor gebruik van accu’s op festivals. “Festivals zien ons graag komen, want we faciliteren. Al schuurt het natuurlijk ook wel eens, als iets niet kan.”
Amsterdam doet het iets anders. Als opdrachtgever, vergunningverlener en verantwoordelijke voor alles wat er op het grondgebied gebeurt, spelen veel verschillende gemeentelijke afdelingen een rol bij de evenementen. De uitkomst van alle eisen van die verschillende afdelingen maakt het leven van festivals organisatoren soms onbedoeld lastig. Mireille Dingelstad is verantwoordelijk voor duurzaam inkopen bij de gemeente. Haar rol is om te kijken hoe de gemeente kan bijdragen om het de festivals makkelijker te maken. Daarvoor start Amsterdam dit jaar met ‘living labs’, om in de praktijk te leren welke problemen er spelen en hoe die op te lossen. “In die living labs doen we de juiste ervaringen op. Daarmee moeten we in 2027 een goed handelingskader kunnen maken voor de festivals.” Maar ze weet nu al: “Dat zal lef vergen, en het maken van keuzes.”
Het goede voorbeeld
Experimenten en duurzame voorbeelden vinden via het festivalterrein de weg naar de buitenwereld. Daarmee zijn ze belangrijk voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken.
Zo’n duurzaam voorbeeld is het hergebruik van douche- en spoelwater van het toilet. Peter Scheers van Nijhuis Saur Industries, een bedrijf in waterzuivering: “We hebben best geworsteld met hergebruik van wat ik noem ‘wispelturig water’ uit douches en toiletten. Omdat festivals van jaar tot jaar terugkeren konden we daar ontwikkelen. Hergebruik van douchewater bleek bijvoorbeeld lastig vanwege soms veel zonnebrand, en andere dagen juist weer zand en modder. Maar op een festival mag best wel eens wat misgaan, zonder grote gevolgen.”
Dat leverde zijn bedrijf producten op die ook elders kunnen worden toegepast. “We willen nu in woontorens afvalwater gaan hergebruiken. Dat kan daar relatief makkelijk, met kleine aanpassingen aan de leidingen. Maar zonder festivals waren we nooit zo ver gekomen.” En, noemt De la Houssaye nog als extraatje: “De festivalbezoeker denkt: waarom doe ik dit thuis niet?”
Er zijn meer van zulke voorbeelden met impact. Met de bouwsector heeft Into The Great Wide Open zelfs een ‘Bouwplaats van de toekomst’ ingericht. Aannemers staan er niet om bekend dat ze gemakkelijk ervaringen en vondsten uitwisselen. Maar tijdens het festival krijgen ze bijvoorbeeld direct zicht op wat werken met elektrische heftrucks echt betekent. Die praktijkervaring staat niet in de foldertjes van de fabrikant. En dat is van niet te onderschatten belang, want niemand wil dat halverwege een bouwproject stil komen te staan omdat de accu leeg is.
De maatschappelijke waarde
Het recente NKP-rapport ‘De toon maakt de muziek’ maakt duidelijk dat de proeftuinfunctie van festivals juist uitgebreid moet worden. Dan moet ook de regeldruk omlaag en er extra middelen beschikbaar komen.
Die financiering is niet alleen nodig voor het dekken van de extra (start)kosten, maar ook voor bijvoorbeeld het delen van alle opgedane kennis, zodat niet elk festival het wiel opnieuw hoeft uit te vinden.
Gelukkig stonden de ontwikkelingen al niet stil. Eigenlijk zaten deze doelstellingen al grotendeels in de afspraak tussen (Europese) festivals en de Nederlandse overheid, de Green Deal Circular Festivals, die al loopt sinds 2019. Maar die Green Deal loopt dit jaar af.
In 2024 kwam Buro NuVo daarnaast met de ‘Duurzaamheidsladder’ voor evenementen, die de organisatoren van festivals met verduurzaming helpt om groene plannen te maken en uit te voeren.
We moeten aan de overheid duidelijk maken dat de maatschappelijke waarde van festivals groot is.
Renske Satijn, Rotterdam Festivals
Het Nationaal Klimaat Platform zet nu een stap verder met het initiatief voor de ‘Future Deal Festivals’. Daarin kunnen gemeentes, provincies, waterschappen, kennisinstellingen, bedrijven en festivalorganisatoren op een structurele manier samenwerken aan weerbaarheid, innovatie, sociale cohesie en duurzaamheid.
Renske Satijn: “Het is volgens mij vooral belangrijk dat we aan de overheid duidelijk maken dat de maatschappelijke waarde van festivals groot is. Voor economie en ecologie, voor ontspanning en ook sociaal. Je komt er nieuwe mensen tegen, nieuwe cultuur. Festivals zijn daarmee ook nog een antistof tegen polarisatie.”